Terug
Gepubliceerd op 16/12/2025

Besluit  Gemeenteraad

ma 15/12/2025 - 20:00

Gemeentelijke begraafplaats. Indirecte belasting op de begravingen of ontgravingen van al dan niet veraste stoffelijke overblijfselen, de uitstrooiing van veraste stoffelijke overblijfselen, de bijzetting van veraste stoffelijke overblijfselen in een columbarium en de begraving of ontgraving van asurnen alsmede het toekennen van grafconcessies – vanaf aanslagjaar 2026 tot en met 2031.

Aanwezig: Frank Wilrycx, Burgemeester-Voorzitter
Leen Kerremans, Raf Verheyen, Monique Quirynen, Schepenen
Jef Van Accom, Kris Luyckx, Josée Van Aert, Evelien Willems, Tine Van der Vloet, Boris Kersemans, Koen Staes, Jan Quirijnen, Hanne Pelckmans, Geert De Bie, Heidi Thoné, Jens Willems, Eliene Geerts, Sandra Loomans, Raadsleden
Dries Couckhuyt, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Kris Govers, Schepen
Wetgeving

het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;

het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen;

Wet van 20 juli 1971 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging;

Wet van 28 januari 1975 betreffende de gemeentebelastingen op het lijkenvervoer;

Decreet van 16 januari 2004 betreffende de begraafplaatsen en de lijkbezorging;

Omzendbrief BB 2006/03 van 10 maart 2006 betreffende de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en uitvoeringsbesluiten;

Overwegingen

de financiële toestand van de gemeente;

Publieke stemming
Aanwezig: Frank Wilrycx, Leen Kerremans, Raf Verheyen, Monique Quirynen, Jef Van Accom, Kris Luyckx, Josée Van Aert, Evelien Willems, Tine Van der Vloet, Boris Kersemans, Koen Staes, Jan Quirijnen, Hanne Pelckmans, Geert De Bie, Heidi Thoné, Jens Willems, Eliene Geerts, Sandra Loomans, Dries Couckhuyt
Voorstanders: Frank Wilrycx, Leen Kerremans, Raf Verheyen, Monique Quirynen, Jef Van Accom, Kris Luyckx, Josée Van Aert, Evelien Willems, Tine Van der Vloet, Boris Kersemans, Koen Staes, Jan Quirijnen, Hanne Pelckmans, Geert De Bie, Heidi Thoné, Jens Willems, Eliene Geerts, Sandra Loomans
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

art. 1- Met ingang van 1 januari 2026 en voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt voor de gemeentelijke begraafplaats aan de Kerkstraat een indirecte gemeentebelasting gevestigd op

- de ontgraving van stoffelijke overblijfselen

- de ontgraving of verwijdering van asurnen in een columbarium

- de toekenning van een grafconcessie voor 50 jaar, evenals de vernieuwing ervan

 

art. 2- De belasting is verschuldigd door de persoon die de ontgraving, de verwijdering van een urne in een columbarium of de concessie aanvraagt.

 

art. 3- Geven geen aanleiding tot toepassing van de belasting en zijn vrijgesteld van de belasting ontgravingen of verwijdering van asurnen:    

-      op bevel van de gerechtelijke overheden

-      naar aanleiding van de bestemmingsverandering van de begraafplaats

-      van de voor het vaderland gevallen militairen en burgers

 

art. 4- De belasting voor een ontgraving wordt vastgesteld op 400,- euro en voor een ontgraving of verwijdering van asurnen op 100,- euro.

De belasting voor de concessies op de gemeentelijke begraafplaats, welke verleend worden voor een duur van vijftig jaren, evengoed als voor de vernieuwing van de oorspronkelijke concessie, wordt vastgesteld als volgt:

a) perceel grond:                           620,- euro per perceel.

b) nis in een columbarium:             620,- euro per nis.

 

art. 5- Op de Natuurbegraafplaats aan het landloperskerkhof op de kolonie wordt geen indirecte belasting op de begravingen van veraste stoffelijke overblijfselen in afbreekbare urne en de uitstrooiing van veraste stoffelijke overblijfselen vanaf aanslagjaar 2026 meer geheven.

 

art. 6- De belastingplichtigen moeten voorafgaandelijk aangifte doen bij het gemeentebestuur en er een bedrag gelijk aan de vermoedelijke belasting in bewaring geven tegen afgifte van een ontvangstbewijs, dat op elk verzoek van de met toezicht belaste ambtenaren moet worden getoond. Het in bewaring gegeven bedrag zal van ambtswege als een verworven contant-belasting worden geboekt en t.o.v. de belastingplichtige met een kwitantie worden bevestigd indien geen tegenbericht van de belastingplichtige bij het gemeentebestuur toekomt uiterlijk de dag voor deze waarop het belastbaar feit zich zal voltrekken.
Bij gebrek aan contant-betaling of in geval deze niet gelijk is aan de reële belastingschuld, berekend op basis van de gegevens waarover het gemeentebestuur nadien beschikt, zal van ambtswege worden overgegaan tot inkohiering, respectievelijk terugbetaling van het verschil.

 

art. 7- In geval van inkohiering wordt het kohier vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel directeur, die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. De verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtige.

 

art. 8- De vestiging en invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake, gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en wijzigingen.

 

art. 9- Dit belastingreglement wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website.