het decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen;
het Bestuursdecreet van 7 december 2018, houdende de bepalingen openbaarheid van bestuur;
het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, waarin onder andere in titel IV, hoofdstuk 3, de modaliteiten aangaande de aanrekening van de gemeentelijke saneringsbijdrage en gemeentelijke saneringsvergoeding werden vastgelegd (ook Waterwetboek genoemd);
Het gemeenteraadsbesluit van 25 april 2006 houdende de goedkeuring van de overeenkomst met PIDPA overeenkomstig artikel 6bis, § 3 van het Decreet van 24 mei 2002 betreffende water bestemd voor menselijke aanwending;
Pidpa stelt op basis van de beslissing van de gemeente de tarieven van de gemeentelijke saneringsbijdrage/vergoeding vast;
De bijdragen in de kostprijs van de opgelegde saneringsverplichting op gemeentelijk vlak (en op bovengemeentelijk vlak) bestaat uit een vastrecht en een variabele prijs (art. 4.3.1.1.1.§2 van het Decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018, verder Waterwetboek);
De vergoedingen in de kostprijs van de opgelegde saneringsverplichting op gemeentelijk vlak (en op bovengemeentelijk vlak) bestaat uit een vastrecht en een variabele prijs (art. 4.3.1.2.1.§1 Waterwetboek);
De tarieven van het vastrecht worden bepaald in artikel 4.3.1.1.3. Waterwetboek;
De gemeente dient zodus enkel te beslissen over het variabele gedeelte van de gemeentelijke saneringsbijdrage en meer bepaald over het basistarief en het vlak tarief;
Bij het vaststellen van het variabele gedeelte van de gemeentelijke saneringsbijdrage dient rekening te worden gehouden met het tarief van de bovengemeentelijke saneringsbijdrage. Artikel 4.3.1.1.4.§2 Waterwetboek bepaalt namelijk het volgende :
"Het gemeentelijke tarief voor de berekening van de variabele prijs voor de collectieve sanering mag ten opzichte van het bovengemeentelijke tarief voor de berekening van de variabele prijs maximaal 1,4 keer hoger zijn."
De bijdrage voor de sanering op gemeentelijk vlak is bestemd voor de financiering van de gemeentelijke saneringsverplichting (art. 4.3.1.1.1.§2 Waterwetboek);
De ontvangen bijdragen en vergoedingen worden aangewend voor werkzaamheden inzake het gemeentelijke rioolbeheer;
Art. 1- Voor jaar 2026 tot en met jaar 2031 wordt de bijdrage voor het opvangen en transporteren (BOT) van het van abonnees afkomstige afvalwater op het grondgebied van de gemeente Merksplas, bijdrage die PIDPA kan aanrekenen aan haar abonnees vastgesteld op het decretaal maximum toegelaten tarief gemeentelijke saneringsbijdrage.
Art. 2- Voor het jaar 2026 tot en met jaar 2031 wordt de vergoeding voor eigen waterwinners (VEW) vastgesteld op hetzelfde bedrag als de bijdrage voor het opvangen en transporteren (BOT).
Art. 3- De gemeente Merksplas maakt geen gebruik van het systeem van derde betaler.
Art. 4- Afschrift van dit besluit over te maken aan Pidpa, Desguinlei 246, 2018 Antwerpen.
Art. 5- Dit reglement wordt gepubliceerd op de gemeentelijke website.